De nomadische ziel kan niet meer op tegen de droogte in Somalië

De kraal van Abdillah Fara

Fotografie Petterik Wiggers

De dorpsvergadering in Budunbuto wordt ruw verstoord als de nomade Abdi binnenstormt. „Water, water, wie heeft er een jerrycan water voor me”, smeekt hij de aanwezigen op de matten. Dorpsvoorzitter Said komt uit zijn kleermakerszit, wrijft over zijn kwijnende rode haren en keert zich tot de bezoeker. „Waarom bedek je je hoofd met een doek”, wil hij eerst weten. „Dan kunnen jullie de kommer op mijn gezicht vanwege de droogte niet zien”, antwoordt de nomade.

De lange mannen in sarongs hadden zich verzameld in de lege voedselopslagruimte van het dorp, honderd kilometer ten noorden van de regionale hoofdstad Garowe, om te bespreken wat er nog te doen valt na vier jaar zonder regen. Er is helemaal geen water meer in het dorp. Alleen Said, de leider van het gehucht van een paar honderd woningen, kan zich de 200 euro permitteren om met een tanker water te laten halen, 120 kilometer verderop.

Hij loopt door het opwaaiende stof naar huis en geeft zijn twee laatste jerrycans aan de wanhopige nomade. Somaliërs, zo schrijven de tradities voor, zorgen voor elkaar. Zijn kinderen kijken sip, want daar gaat het water voor hun thee en hun ouders zullen morgenochtend hun voeten en gezicht voor het gebed moeten wassen met zand.

De nomaden buiten de dorpjes en de steden lijden het meest onder de droogte. „We zijn verloren, vorige week bezweken een oude vrouw en een jonge man in mijn familie”, zegt Abdi Ahmed, „elke dag overlijden er geiten en schapen. We gaan eraan, alleen God kan ons nog redden.”

In het geplaagde landschap met de gloeiende wind en de zinderende hitte is alleen plaats voor geharde mensen. Hun manier van voor elkaar zorgen, de sociale clanbanden van de Somalische bevolking – al hun tradities om droogte te bestrijden raken nu uitgeput.

Ook ontwikkelingsprojecten – het opslaan van regenwater of het graven van waterputten – zijn niet langer opgewassen tegen de klimaatverandering die het land gortdroog heeft gemaakt. In Somalië waren in maart 670.000 bewoners ontheemd door droogte, 4,5 miljoen hebben dringend hulp nodig, dat is een kwart van de bevolking. Door de extreme droogte lopen in de gehele Hoorn van Afrika 13 miljoen mensen levensgevaar door voedselgebrek.

Abdillah Fara

Alles draait om vee

Hamdi beheert het enige winkeltje in Budunbuto. Op de planken resten nog vijf blikjes maïs, een pak meel en een fles bakolie. „Ik verkoop niets meer”, klaagt ze, „niemand heeft meer geld, iedereen staat bij me in het krijt.” Ze vertelt over het lot van vrouwen en kinderen in de crisis. „Het breekt mijn hart als ik zie hoe ze langs de huizen bedelen om water”. Buiten loopt de nomade Abdi geagiteerd door de straten. „Mijn ezel is er vandoor”, roept hij, „hoe kan ik die jerrycans nu vervoeren, mijn kraal ligt op een dag lopen.”

In de autonome deelstaat Puntland met ongeveer vier miljoen inwoners in het noordoosten van Somalië is 95 procent van de plattelandsbevolking en 70 procent van de stadbewoners afhankelijk van vee. De savannes zijn schraal, alleen in de regentijd reikt het gras zo hoog dat de schapen erin verdwijnen.

„In Puntland zijn de stadsbewoners afhankelijk van de steun van hun familieleden op het platteland”, vertelt Ahmed Muse, de burgemeester van de hoofdstad Garowe. In het stadswapen pronkt een schaap, in Puntland draait alles om vee. „Ik zie steeds meer bedelaars in de stad”, zegt de burgemeester, „want familieleden in de bush zenden geen geld meer. Ook stadsbewoners kunnen zich geen twee maaltijden per dag meer veroorloven. Als het vee sterft, sterven de Somaliërs.”

In Somalië voert de nomadische ziel de boventoon, maar het breekpunt komt voor de meeste bewoners in zicht als er de komende weken geen regens vallen. Rond de kraal van Abdillah Fara voorbij Budunbuto zijn op de savanne de sporen van hyena’s te zien.

„We proberen onze dode beesten zoveel mogelijk te begraven want ze trekken talloze roofdieren aan”, vertelt hij als hij knielt bij een karkas, de resten van een koe die hij hier gisteren uitgeput achterliet. Elke nacht zet hij herhaaldelijk zijn laatste paar koeien op hun poten, „want als ze niet staan, slapen ze in en bezwijken”.

Tevreden schapen maken geen geluiden. Nu mekkeren ze luidruchtig. „Ze vertellen me dat ze ziek zijn, dat de overgebleven sprieten te zout zijn, dat ze willen drinken.” Hij duwt met zijn stok een wankelend schaap naar de kudde en zucht: „Die haalt de kraal vanavond niet.”

Abdillah Fara

Cyclus van zorgen

Wanneer het regent en de wereld weer groen kleurt, klinkt hier het lachen van mensen en hoor je beesten copuleren. „Dan zijn we vrij, dan melken we iedere dag. Maar de vreugde is uit ons leven verdwenen. Nu ga je niet bij je broer in een naburige kraal op bezoek, we zitten vast in een cyclus van zorgen.” Hij verontschuldigt zich – „ik ben te gespannen om te praten” – en loopt gebogen achter zijn dieren aan.

Puntland is een relatief stabiel gedeelte van het gevaarlijke Somalië. De terreurgroep Al Shabaab is vooral actief in het zuiden van het land, maar ook in Puntland is de veiligheidssituatie zo precair dat buitenlandse bezoekers niet mogen reizen zonder een handjevol bodyguards voor hun bescherming.

Abdillah Fara en zijn familie

Benzineprijzen

De op de export van vee gebaseerde economie ligt aan flarden en de plaatselijke shilling verloor door devaluatie zo veel waarde dat de munteenheid is opgeheven en vervangen door de dollar. De inflatie en de hoge benzineprijzen maken het voor de bewoners nog moeilijker om te overleven.

Hulp is nodig, maar die komt niet. „Somaliërs hebben altijd droogte gekend en daaraan zal niets veranderen”, zegt Abdullahi Abdirahman Ahmed van de nationale hulporganisatie Hadma in Garowe, „maar door klimaatverandering verkeren we nu permanent in een crisis. Vroeger sloegen droogtes iedere tien jaar toe, nu om de drie jaar.”

De centrale regering in de federale hoofdstad Mogadishu noch die in de regionale hoofdstad Garowe beschikt over fondsen. „We zijn afhankelijk van buitenlandse donoren, maar die vertellen ons dat alle fondsen naar de slachtoffers van de oorlog in Oekraïne gaan. De Somaliërs zullen sterven en we hebben niets om ze bij te staan.”

Abdillah Fara
Kamelen hebben tot nu de droogte kunnen weerstaan

 

Dit artikel verscheen eerder in NRC Handelblad op 29-2-2022

Schrijf een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *