Soedanezen zijn dronken van de vrijheid

Sit in voor hoofdkwartier van leger in Khartoum
Sit in voor hoofdkwartier van leger in Khartoum

Zorgelijk staat vader Abelmonim bij zijn twee jonge dochters tussen de honderdduizenden betogers voor het militaire complex in de Soedanese hoofdstad Khartoum. „Mijn dochters dwongen me om hier naar toe te komen”, zegt hij. „Ze willen de revolutie meemaken.” De meiden, in traditionele roze gewaden die alleen een stukje gezicht laten zien, giechelen genoeglijk. Dan volgt, zondagmiddag, de teleurstelling. De aangekondigde bekendmaking van een nieuwe burgerregering op zondagavond blijft uit, de machtsstrijd tussen de burgers en de militairen die eerder deze maand dictator Bashir afzetten, gaat dus door. En daarmee ook deze sit-in. „Pap, mogen we morgen weer komen”, vragen de dochters.

Verderop in de mensenmassa slaat de woede toe onder een groep vrouwen in nauwe broeken. Ze willen een onmiddellijke overdracht van de macht van de militairen aan de burgers. Ze ballen hun vuisten, draaien zich naar het Ministerie van Defensie en scanderen: „We laten de revolutie niet stelen door het leger.” Gevolgd door leuzen tegen de militaire machthebber Abdel-Fattah Burhan. Tot voor kort dachten de demonstranten dat hij de macht snel zou overdragen aan de burgers, maar dat is nog niet gebeurd. Maandag sommeerde de militaire raad de demonstranten, die sinds begin deze maand een sit-in houden, opnieuw het veld te ruimen en de wegen „onmiddellijk” vrij te maken.

Galg voor Baschir
Galg voor Baschir

Soedanezen zijn dronken van de vrijheid. Alle rassen, alle stammen, alle stromingen binnen de islam waden in het geluk na het einde van dertig jaar dictatuur. Een man zwaait met een galg met daarop de tekst „Wie weet waar Bashir is?”

Onder de verdreven president Omar al-Bashir werd vrijwel exclusief het Arabische element in de Soedanese cultuur benadrukt, ten nadele van de Afrikaanse dimensie. „Het mooie van deze revolutie is dat we weer gelijk zijn”, jubelt een man, „hier omarmen alle Soedanezen elkaar!”.

Selfies

Iedereen heeft de oortjes van zijn mobieltje om zijn nek hangen, iedereen maakt selfies. Dit is de revolutie van de jeugd, een opstand mogelijk gemaakt door sociale media. Bij de talrijke wegversperringen rond de sit-in fouilleren jongeren de mensen op wapens, straatkinderen zijn gerekruteerd om het plastic afval op te ruimen, jonge koks meldden zich om in gigantische pannen door zakenlui gedoneerd voedsel te koken voor de duizenden betogers die iedere nacht blijven slapen. „Ik dacht altijd dat de jongeren alleen maar naar muziek luisteren op hun mobieltjes, maar nu blijkt hoe ze zijn gepolitiseerd”, zegt een wat oudere man. Hij is een nomade uit Oost-Soedan en liet zijn kamelen achter aan de rand van de stad om te komen demonstreren.

Koken voor de revolutie
Koken voor de revolutie

Bashirs bewind was niet alleen een politieke en corrupte dictatuur. De groep rechts-radicale moslims in zijn entourage vormde de samenleving om tot een soort theocratie die zich dwingend met alles bemoeide. Omgang tussen man en vrouw, kledij, cultuur, alles moest worden gekneed volgens de wetten van het geloof. „We moeten de islamisering terugdraaien”, zegt Ismail Osman, een student aan de Universiteit van Khartoum. „Geschiedenis, biologie, alles werd bedrog. Intellectuele vorming is verdwenen, in plaats daarvan werd ons geleerd hoe ons te kleden en hoe te eten. Onder Bashir zijn Soedanezen een stuk dommer geworden.”

soldaten steunen de volksopstand
soldaten steunen de volksopstand

Op de lange avenue voor het militaire complex brengt iedereen zijn eigen eisen naar voren, in de vorm van haastig op karton gekrabbelde leuzen. Dertig jaar dictatuur deed tot op alle vlakken tot in alle uithoeken haar invloed gelden. Jongeren in de diaspora hielpen digitaal het protest organiseren en eisen vrouwenrechten. Maar hun eisen zijn niet dezelfde als die van het stel in hoofddoeken gehulde vrouwen dat luiert onder een plastic zeil met hun kinderen op de straatstenen. „Het grootste probleem onder Bashir was dat de mannen te arm waren om ons te trouwen”, vertelt de jonge vrouw Hiba. „Natuurlijk moeten vrouwen meer rechten krijgen, maar dat moet binnen de grenzen van onze Soedanese cultuur gebeuren, we moeten geen buitensporige eisen stellen.”

Dokters vormen een belangrijk element in de protestbeweging, geleid door de The Sudanese Professionals Association die bestaat uit advocaten en artsen. De SPA zei zondag dat zij de dialoog met de militaire raad wilde staken. Artsen maken ook deel uit van de sit-in. In enkele kleine klinieken doen ze vrijwilligerswerk. Bij de eerste mag ik niet naar binnen, want er is net schurft uitgebroken. Een ander functioneert alleen ’s avonds, want de doktoren tappen stroom af van een lantaarnpaal. In een derde kliniek ligt een uitgedroogd straatjochie aan een infuus. „Na de revolutie gaan we iets voor deze kinderen doen”, zegt een verpleegkundige, „zij spelen zo’n belangrijke rol bij onze protesten.” Ze heeft een pet op van Osama Daewood, een rijke zakenman die voedsel en geld levert voor de sit-in.

Verderop langs de avenue hangt een lange portretgalerij van uitvergrote pasfoto’s van gesneuvelde demonstranten. Vanuit een onaf gebouw tegenover het Ministerie van Defensie openden scherpschutters van de geheime dienst anderhalve week geleden het vuur op de betogers, waarna soldaten van de reguliere strijdkrachten hun deuren openden voor de demonstranten ter bescherming. Dat luidde het begin in van de militaire staatsgreep.

Portretten van jongeren

Bij de schietpartij kwamen tientallen burgers om. Vrijwel alle portretten zijn van jongeren. „Ze doodden mijn vrienden”, zegt de student Abdi. „Sommigen werden naar het ziekenhuis gebracht maar ook daar werden ze beschoten met traangas. Begrijpt u nu mijn spandoek?”. Het regime van Bashir moet geheel worden ontmanteld en de daders bestraft, heeft Abdi op zijn spandoek geschreven.

De volksopstand ontbrandde door de slechte economische situatie. Met een inflatie van rond de 70 procent en een verdriedubbeling van de broodprijzen viel niet meer te overleven. Stond Bashir vroeger tegen de muur door de economie, dan kwamen conservatieve oliestaten in de Arabische wereld hem met geld te hulp. Dit keer weigerden ze dat. Met de nieuwe heersende Militaire Overgangsraad gaan Saoedi-Arabië en de Arabische Emiraten wel in zee. Ze doneerden in het weekend drie miljard dollar. De betogers doorzien deze invloed. „We willen jullie niet,” roepen ze, „we laten onze revolutie niet smoren door hun geld.”

Een oude man zonder tanden slaat het spektakel in bewondering gade. „Het is Bashir niet gelukt de wens voor vrijheid te onderdrukken”, zegt hij. „Zie hoe strijdlustig ze zijn, dat ik nog mocht meemaken dat Soedan ontwaakt dankzij de jeugd. Ze verdreven eerst Bashir, toen na 24 uur zijn opvolger Bin Auf en nu keren ze zich weer tegen het leger. Twee staatsgrepen in één dag, waar ter wereld is dat mogelijk?”

Op een podium roept een moeder van een gesneuvelde betoger: „Jullie zijn geen demonstranten, jullie zijn helden.” Op een ander podium klinkt muziek. Vorige week werd er een voetbalwedstrijd tussen de betogers georganiseerd. Ahmed, een jongen van 15 jaar, kijkt zijn ogen uit. „Ik ben hier nu al vijf keer geweest. Het is zo gezellig!” Wat wil hij bereiken? „Dat Soedanezen nooit meer de gevangenis in hoeven.” Wenst hij misschien zelf president te worden? „Nee, ik ben bang om geld te stelen.”

Dit stuk stond op 23 april 2019 in NRC Handelsblad

Alle foto’s van Johannes Dieterich

Schrijf een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *